Wij, Eduard de Eerste, Kabbelaar de Zes en Dertigste,
bij de gratie van alle Kabbelaars, Stadsprins van het Kabbelgat,
Groot verspreider van het Kabbelgatse feest,
Opper-Kolonel van de gein en on-gein,
Lid van verdienste van Goud van Oud en
Liefhebber van de gekleurde polonaise zeggen u “ALAAF”.

Onder dankzegging voor het in ons gestelde vertrouwen
dienen in het carnavalsseizoen 2011 – 2012
de volgende elluf regels onverwijld in acht te worden genomen.

Ten Eerste
Met ons team aan het werk zie je het carnaval weer haarscherp.
Ten Tweede
Dat de optocht op zaterdag weer grandioos zal slagen
en dat iedereen na de uitslag nog steeds kan blijven lachen
en elkaar niet zal plagen.
Ten Derde
Het is dan ook verboden te gaan jammeren en treuren,
of over vroeger te gaan staan zeuren.
Ten Vierde
Je bent nooit te oud om te leren, om het
carnavalsvieren in het Kabbelgat te waarderen.
Ten Vijfde
Groen, blauw of rood haar, het is om het even,
met carnaval gaan we fluitend door het leven.
Ten Zesde
Dat wij tijdens het Carnaval niet hoeven te lijnen,
want door het vele hossen en polonaises lopen,
zullen de kilo’s vanzelf verdwijnen.
Ten zevende
Dat wij de zieken en bejaarden ook veel aandacht zullen geven,
zodat ook zij een mooi en kleurrijk Carnaval beleven.
Ten Achtste
We mogen niet vergeten dat de hele wereld gek is van óns Dellufs Bláh
in óns Kabbelgat, daarom draagt uw Stadsprins deze kleur
voor altijd in zijn Stads prinselijke hart.
Ten Negende
Jong en oud, blauw, paars of groen, het feestvieren met Carnaval
gaan we samen doen.
Ten Tiende
Bij de DCV zijn vele Stadsprinsen mij voorgegaan,
wij zijn trots om ook in deze Stads prinselijke schoenen te mogen staan.
Ten Elfde
Tenslotte wensen wij iedereen veel carnavalsplezier en
na rijp beraad willen wij, dat is ons motto, dat iedereen'
GEKLEURD door het Kabbelgat’ gaat. 
 

Aldus gedaan in het Kabbelgat op de twaalfde van de ellufde
in het jaar twee duizend en elf.
 



Zijne Doorluchtige Hoogheid                                           Commissie Protocol
Stadsprins Eduard de Eerste                                                  Stichting D.C.V.
Kabbelaar de 36e                                                                 Grootvorst Johan